Nieuws

9 oct Nature: Does evolutionary theory need a rethink? Welles! Nietes! Voorstanders en tegenstanders, conservatieven en progressieven. Altijd leuk.
5 Oct: Menno Schilthuizen vertelt in VPRO Boeken tv over zijn nieuwe boek 'Darwins' peepshow' (hij is de tweede geinterviewde).
4/5 Oct: Pop up wetenschapper, weekend van de wetenschap!

*) zie hier
Archief Actualiteiten

21 oktober 2014

Nederlandsche Vogelen (1) Een vernieuwend ornithologisch standaardwerk uit de 18e - 19e eeuw

De Nederlandsche Vogelen. (Grutto op omslag)
Ter vergelijking: een moderne vogelgids.
Het bijzondere van de Nederlandsche Vogelen van Nozeman en Sepp is de raadselachtige en fascinerende combinatie van bewonderenswaardige nauwkeurige en artistieke kleurenafbeeldingen, met vaak verwarrende benamingen van vogelsoorten, en de onnavolgbare volgorde van de soorten in het boek; de bizarre anecdotes en vaak informele toon, de diepgaande belangstelling voor vogels en tegelijk de volstrekte vanzelfsprekendheid waarmee vogels geschoten, gevangen, gehouden, vetgemest, verhandeld en gegeten worden. Het zijn niet alleen de afbeeldingen, maar ook de tekst die absoluut de moeite waard is. De teksten geven een verrassende blik in de stand van de wetenschappelijke kennis van vogels (ornithologie) eind 18e - begin 19e eeuw. Voor die tijd was het vernieuwend en ambitieus om een encyclopedisch werk van alle in Nederland voorkomende vogels uit te brengen. Het nieuwe was ook dat de tekeningen niet gecopieerd werden uit andere boeken, maar dat ze speciaal voor deze uitgave aan de hand van levende of dode exemplaren gemaakt werden. Het boek verscheen in 5 delen tussen 1770 en 1829 en is nu samengebracht in een 10 kilo zwaar en 816 paginas tellend luxe boekwerk. Ik geef hier een aantal karakteristieke bijzonderheden die vooral leuk zijn voor vogelliefhebbers en voor biologen in het algemeen.

Systematiek en naamgeving: Linneus was nog niet de standaard in de biologie die hij nu is. Uit de tekst blijkt dat Linneus weliswaar als een gezaghebbend wetenschapper werd gezien als het over de classificatie van vogels ging, maar er werden ook andere auteurs met een andere mening geciteerd. Er worden bijna altijd meerdere namen voor dezelfde vogel gegeven. Ook dat geeft verwarring. De indeling van vogels die in het boek gebruikt wordt vereist een nadere studie. Wat het extra moeilijk maakt is dat de indeling in de loop der tijd nog al eens veranderd is.
Wat opvalt is dat er zoveel Nederlandse namen zijn die in ruim 200 jaar hetzelfde zijn gebleven: kuifmees, gierzwaluw, grutto, draaihals, koolmees, waterhoentje. Helaas hebben vele kostelijke namen het niet overleefd: Strontjager, Vechtenden Strandloper, Schrikvogels, Onweersvogel, Halve-Eend, Madeliefje, Zee-Leeuwrik, Tiet-Leeurik, Scherpbek en nog veel meer...

'Foute namen': 'Gekuifde waterraaf' (nu: kuifaalscholver) is wel zwart, maar is zeker géén raaf. De 'Zwartbekkige Zeezwaluw' is géén zwaluw maar een Grote Stern . 'Sloot-musch' (!) is géén musch, maar de rietgors. 'Gekraagd Roodstaartje' is door de schrijver voor het eerst in dit boek gegeven als vertaling uit het Frans. Jammer dat de afbeelding een onbekende soort is. Er komt zowel een 'tortel' als 'tortelduif' voor in het boek. De tortelduif lijkt toch wel erg veel op een turkse tortel die wat rood is uitgevallen, maar wordt tot de huisdieren gerekend. Het is niet waarschijnlijk dat het een wilde turkse tortel is, want die kwam toen niet voor in Nederland. 

Soorten en variëteiten: het onderscheid wordt niet altijd duidelijk gemaakt. Ze gebruiken het woord 'verscheidenheden' wat waarschijnlijk een voorloper is van het tegenwoordige 'varieteit', of 'subspecies'. Het aantal witte vogels is opvallend: 'witte spreeuw' , 'witte kievit' (afbeelding!) , 'witte lijster' , 'witte specht' (afbeelding!), 'witte zwaluwen' , 'witte raven, kraaien, kauwtjes', 'witte ijsvogel' (afbeelding!). Het is vaak duidelijk dat het om zeldzaamheden gaat, maar soms wordt zo'n witte vogel tot soort verheven. Het zal wel komen omdat zeldzame afwijkingen een gewild verzamelaars object zijn. De auteur is wel kritisch: hij vraagt zich af of die Witte Specht een vrouwtje specht is of een 'speling der natuur'! 'Speling der natuur' is een voorloper van het moderne begrip mutant. Gekweekte duivenrassen komen er in voor alsof het soorten waren. Al deze variëteiten en subspecies zullen voor Darwin een cruciale rol gaan spelen in zijn evolutietheorie. Maar daar is in dit boek nog lang geen sprake van. Toch is het interessant aandacht te besteden aan wat de auteurs hierover te melden hebben. Nader onderzoek gewenst.

Voliére vogels of huisdieren:  Gallus domesticus, kalkoen, pauw, duivenrassen zoals 'De Kropper', 'Paauwduif', 'Kapper' (p.689), 'het Meeuwtje' komen voor in het boek uit een soort drang naar volledigheid, maar wel beseffend dat het niet om wilde soorten gaat. Deze soorten vind je niet meer in een moderne vogelgids.

putters

Afbeeldingen: de kwaliteit van de afbeelding van vogels is vaak zo goed dat ze zondermeer opgenomen zouden kunnen worden in een moderne vogelgids. Voorbeelden: putter en goudhaantje. Heel vaak worden mannentje en vrouwtje afgebeeld, wat natuurlijk een vereiste is als je vogels wilt identificeren. Jongen ('juviniel') worden niet afgebeeld. Dat is standaard in moderne vogelgidsen, voorzover ze afwijkend verenkleed hebben. Wel vind je dat soms in de beschrijving, bijvoorbeeld de jongen van de koekoek zien er totaal anders uit dan de volwassen vogel (maar: rosse koekoek). De termen 'winterkleed' en 'zomerkleed' komen voor in de beschrijving maar worden niet afgebeeld.

Ornithologie: er blijkt verrassend veel kennis aanwezig die je niet verwacht. Men kende begrippen als standvogels en trekvogels (ook wel: 'reizende vogels'). Men wist wanneer trekvogels in Nederland aankwamen. Soms wordt genoemd waar de vogels overwinteren. Er staat een waarneming dat een bepaalde soort zich in de winter ingraaft in de bodem van meren of rivieren om daar te overwinteren. Dit soort mythes zijn een uitzondering in het boek. De ambitie was ook de vogels in hun milieu weer te geven, plus hun nesten en eieren. En enkele keer gaat dat fout. Vaak wordt gedrag of zang beschreven, soms door de auteur zelf waargenomen!
 
Voorkomen: de 'Allerkleinste bonte specht' is een zeldzaamheid. De Zwarte Ooievaar is zeldzaam in Nederland, maar is in 1824 gezien en (nota bene!) geschoten. De Grote karekiet: 'zoo gemeenzaam voorkomend'. Het idee 'dwaalgast' kennen ze ook: een sneeuwuil was met een zware storm in Nederland terechtgekomen.

Wetenschap: het boek is fascinerend omdat het een mengel is van wetenschappelijke en informele taal. De ambitie is duidelijk om wetenschappelijk te zijn. Het gaat zover dat de maaginhoud van vogels ('het openen van vogels'!) bestudeerd wordt om te kijken wat hun voedselpatroon is. Wetenschappelijk gezien is dat zeker een vernieuwing.


Compleetheid: SOVON rekent 280 soorten tot Nederlandse vogels. De Nederlandsche Vogelen bevat ruim 200 soorten. Dus, een behoorlijk complete momentopname van die tijd. De uitgever Lannoo/KB heeft een eigen index gemaakt met zowel moderne als namen die Nozeman en Sepp gebruikten. Midas Dekker noemt het ontbreken van halsbandparkieten (logisch: die broeden pas de laatste 10 jaar in Nederland!). Iets interessanter zou zijn op te merken dat de turkse tortel ontbreekt (in 1949 eerste broedgeval in Nederland). Verder ontbreken: zilverreiger, raaf, tjiftjaf, fitis, turkse tortel, fluiter, glanskopmees, snor. Vooral het ontbreken van fitis en tjiftjaf als zeer karakteristieke Nederlandse vogels en bovendien makkelijk aan hun zang herkenbare voorjaarsvogels, verbaast mij. De oorzaak is mij niet duidelijk.

Vogels als voedsel: "Geplukt en gebraden zijn zy niet minder smakelijk dan de lijsters en vinken" wordt er over pestvogels (!) geschreven. Over de Witte Srandloper: "Gebraden bevond ik ze een lekkere versnapering naby komende aan de Sneppen". In het najar worden kieviten gegeten want dan zijn ze ongemeen vet. Zo'n prachtig vogeltje als het puttertje wordt als 'versnapering' gebruikt! Wat zonde zulke mooie vogels! Niets is zo onthullend over de mentaliteit van die tijd. Tsja, wat wordt er eigenlijk niet gegeten? De eetbaarheid en smaak worden als kenmerkende eigenschap van de soort opgegeven. Het maakt niet uit of de soort bijzonder, mooi of zeldzaam is. Ik kan een eindeloze hoeveelheid citaten geven van hoe men schreef en dacht over de culinaire eigenschappen van wilde vogels. Het was in die tijd misschien wel een beroep, in ieder geval een bron van inkomsten en een welkome aanvulling op het dagelijkse menu. Overbodig te vermelden dat de smaak van vogels niet voorkomt in moderne vogelgidsen.

Jacht: een zeldzame dwaalgast als de Zwarte Ooievaar wordt zondermeer geschoten. Zeldzaamheid is geen bezwaar, in tegendeel, het vergroot de waarde voor de verzamelaar en wetenschapper! Behalve jacht wordt er ook melding gemaakt van wrede gewoontes: "Onze boerenjongens slaen hen [gierzwaluwen] op den grond dikwils met een stok dood want gemeenlijk zijn zy'er bang voor". Anno 2014 kriijgt een boek over gierzwaluwen de Jan Wolkers Prijs voor het beste natuurboek. Wat een hemelsbreed verschil in mentaliteit. Ik zal niet meer voorbeelden van wreedheid geven, want je wordt er depressief van. Hoe kun je je levenswerk maken van het nauwkeurig beschrijven en afbeelden van vogels en tegelijk zo'n gebrek aan respect tonen voor hetgene je bestudeert?

Vogelbescherming: de blauwe reiger valt onder 'Edel Gevogelte', en het is daarom niet toegestaan hun nesten te verstoren of te beroven. Een nationale wetgeving ter bescherming van vogels bestond niet. Een enkele keer wordt melding gemaakt van een verordening om alleen om de twee jaar een bepaalde soort niet te schieten om de voorraad niet uit te putten. Zijn we er in de laatste 200 - 250 jaar echt zo veel op voouitgegaan? We verhandelen nog steeds uilen, ooievaars op markplaats.nl. Maar er is nu nationale en internationale wetgeving.

Bewondering: de auteur geniet van de zang van nachtegaal en zwartkop . De Roodstaert is een sierlijk vogeltje. Dit wordt zo nu en dan terloops vermeld. Dit vertel ik omdat het zo'n groot contrast geeft met de op ons moderne mensen wreed overkomende neiging iedere eetbare of oneetbare vogel te schieten.

Bijbel: Verwijzingen naar de Schepper en de Bijbel zijn zeldzaam, maar ze zijn er wel: 'Schepper en onderhouder' Een prachtige, bijna ontroerende filosofische uitspraak: "Waartoe tog zoo veel verscheidenheids in de werken der scheppinge?" Ik zal het hele citaat in een volgend blog geven omdat het zo mooi is en omdat het zoveel zegt over de denkwijze van die tijd.


Dankwoord
We hebben dit kostbare en kostelijke boekwerk aan Jan Lahmeyer te danken en aan een misverstand. Hij vroeg ons of we "het boek bij de tentoonstelling" wilden hebben. In de veronderstelling dat het om een standaard catalogus van A4 formaat ging, zeiden we argeloos "Ja". Het bleek een 10 kilo zwaar 816 pagina's tellend luxe boekwerk te zijn. En zo is dit werk in ons bezit gekomen. Dit is naar waarheid opgetekend anno 21 Oktober van het Jaar 2014.

17 oktober 2014

Laten we vader dronken voeren en dan met hem slapen


Filemon Wesselink met de Bijbel in Gewone Taal

Laten we vader dronken voeren en dan met hem slapen.
Dan kunnen van hem kinderen krijgen.
Een bekende tv-presentator leest voor uit de nieuwe Bijbel in Gewone Taal in het programma DWDD. En hij ontdekt schokkende teksten. In zijn woorden: "Lot gaat met zijn twee dochters naar de berg. Ze gaan hun vader dronken voeren. Op het moment dat hij slaapt gaan beide dochters met die vader sex hebben. Ik ben ontzettend benieuwd hoe dat afloopt." Dit is wat er in de Bijbel in Gewone Taal staat:
"Laten we vader dronken voeren en dan met hem slapen.
Dan kunnen van hem kinderen krijgen."
Het is net iets anders. Hier staat het hele verhaal:
Genesis 19:30-38 (King James Version (KJV))
32 Come, let us make our father drink wine, and we will lie with him, that we may preserve seed of our father.
33 And they made their father drink wine that night: and the firstborn went in, and lay with her father; and he perceived not when she lay down, nor when she arose.
34 And it came to pass on the morrow, that the firstborn said unto the younger, Behold, I lay yesternight with my father: let us make him drink wine this night also; and go thou in, and lie with him, that we may preserve seed of our father.
35 And they made their father drink wine that night also: and the younger arose, and lay with him; and he perceived not when she lay down, nor when she arose.
36 Thus were both the daughters of Lot with child by their father.
'Technisch gezien' is dit verkrachting, om precies te zijn: incestueuze verkrachting. Het is niet met wederzijds goedvinden gebeurd. En in dit geval is het niet een man die een vrouw verkracht, maar een vrouw die een man verkracht. En dat tweemaal. Het mag dan wel de 'Bijbel in Gewone Taal' heten, het is een zeer ongewoon verhaal!

Wat opvalt is dat het fragment nooit gedelete is uit de Bijbel. Lezen de Bijbellezers er over heen? Wordt er ooit over gepredikt? Of negeren ze het gewoon omdat het te onfatsoenlijk is volgens moderne christelijke normen? Of was dat in die tijd een gebruikelijke praktijk als vrouwen kinderloos dreigden te blijven? En dat in zo'n geval letterlijk alles geoorloofd is? In de Tien Geboden wordt incest niet expliciet verboden. Betekent dat incest onder omstandigheden is toegestaan? Als dat zo is, waarom dan vader eerst dronken voeren? 
Als het een gewoonte was in die tijd, dan kan dat verklaren waarom de Bijbelverteller zich nergens voor schaamde en het allemaal opschreef voor het nageslacht.

Ook vertelt dit verhaal ons dat de zusjes bepaald geen sexuele voorlichting nodig hadden: 1) ze wisten kennelijk het verband tussen sex, zwangerschap en kinderen krijgen, 2) ze wisten kennelijk wat je met een man moest doen om tot het gewenste resultaat te komen, zonder dat hij wakker werd. Bepaald geen kleinigheid en niet zonder risico. Mogelijke verklaring: er bestond in die tijd geen privacy, de hele familie sliep in één en dezelfde tent. Of ze hadden de kunst van hun dieren (hun vee) afgekeken.

Hoe dan ook, de dochters werden volgens het verhaal beide zwanger en baarden een zoon. Dat moet vader toch opgevallen zijn? Hij zal toch een verklaring eisen? Daar kom je toch niet mee weg? In principe kunnen de dochters alles ontkennen, want –volgens de tekst– heeft vader er niets van gemerkt.

reclame voor de ©Bijbel in Gewone Taal

Eén van de vertalers van de Bijbel in Gewone Taal, bijbelwetenschapper Matthijs de Jong schrijft hier: "Die verhalen zijn zo’n drieduizend jaar oud. Op zich niet heel gek dat daar ook dingen in staan die nu vreemd kunnen overkomen". Pardon? 'Drieduizend jaar oud'? Er is toch maar één God? God toen en nu is toch dezelfde God? Als God de maagd Maria zwanger kan laten worden zonder met een man te slapen, dan kan Hij toch hetzelfde doen bij de dochters van Lot?
Verder schrijft de Jong: "De Bijbel heeft veel wijsheid te bieden." Dank U wel. Het bovenstaande verhaal is een voorbeeld van Bijbelse wijsheid? Een verklaring van de dubbele incestueuze verkrachting geeft hij niet. Matthijs de Jong is dat alles wat je te zeggen hebt???

13 oktober 2014

Moet de evolutietheorie grondig herzien worden?

©Nature 8 Oct 2014
Does evolutionary theory need a rethink? is de kop van een opvallend artikel in de Nature van 8 Oct (gratis). Het is geschreven door 15 auteurs, zo lijkt het, maar het bestaat uit twee delen. Het eerste deel betoogd dat de evolutietheorie grondig herzien moet worden (8 auteurs) en het tweede deel dat dat helemaal niet nodig is (7 auteurs). Het is geen research artikel, maar een opinie artikel. Wat de aanleiding is weet ik niet. Hier een korte impressie van het artikel. Het is ondoenlijk om hier een evenwichtig, goed onderbouwd oordeel te vellen over het vraagstuk. Het gaat hier in feite over de ontwikkeling van de evolutietheorie sinds Darwin in 1859 zijn Origin of Species publiceerde.

De voorstanders van de herziening (ik noem ze 'de progressieven') verwijten een deel van hun collega's (ik noem ze 'de conservatieven') dat ze de evolutietheorie na Darwin versmald hebben tot populatiegenetica. Hier komt het op neer: random genetische variatie, natuurlijke selectie, aanpassing. Evolutie werd en wordt door hen simpelweg gedefinieerd als verandering van genen in de loop van de tijd. Maar daardoor raken een aantal zaken die niet herleid kunnen worden tot genen buiten zicht. En die zaken beinvloeden evolutie wel, en die moeten dan ook erkend worden als drijvende krachten van evolutie. Deze vier:
  1. developmental bias: [phenotypische] variatie wordt gestuurd door de embryonale ontwikkelingswijze en is daarom niet random
  2. phenotypic plasticity: de omgeving bepaald rechtstreeks het fenotype van het individu (buiten genen om)
  3. niche construction: organismen veranderen hun omgeving en daardoor beinvloeden ze natuurlijke selectie
  4. extra-genetic inheritance: organismen erven méér over dan alleen hun genen (ook wel epigenetica genoemd)
Als U dat te technisch wordt, hier is de rode draad: genen zijn niet alleen-bepalend voor evolutie. De progressieven claimen dat ze een aantal verschijnselen beter kunnen verklaren dat het standaard model. Ze gaan zelfs zover te claimen dat hun 4 mechanismes de centrale feiten van evolutie, aanpassing en soortvorming, kunnen verklaren. Het wordt hoog tijd dat dit erkend wordt menen ze.


All is well
De 'conservatieven' menen -heel toepasselijk- 'all is well'! Ze beginnen hun betoog met een enigszins misleidende opmerking over Darwin. Darwin had zich al gerealiseerd in een van zijn laatste boeken over wormen dat wormen hun eigen milieu creëren. Een lesje voor de Niche Construction theoretici: er is niets nieuws onder de zon. Darwin had eigenlijk al een Niche Construction theory and wij evolutiebiologen hebben dat altijd al gevolgd. Die opmerking is niet geheel terecht want in zijn meest gelezen en invloedrijkste hoofdwerk The Orgin of Species komen wormen niet aan bod [1]. Verder zeggen ze dat in de jaren 1936 – 1947 (klassieke) genetica geïntegreerd werd in de evolutietheorie. Dat is waar, maar dat genetica tot een soliede begrip van aanpassing en soortvorming leidde lijkt mij behoorlijk overdreven. Het klopt dat de ontdekking van DNA in 1953 een grote revolutie teweegbracht in de evolutietheorie. De conservatieven voeren dit op als bewijs dat de evolutietheorie niet in steen gebijteld is en continu verandert.
De vier processen die de progressieven opvoeren (zie boven) hebben voldoende aandacht in de evolutietheorie (ze geven enige bewijzen uit de literatuur) en daarom is een nieuwe revolutie en een nieuwe naam voor de evolutietheorie niet nodig [5]. Het is niet gebrek aan aandacht, maar van voldoende bewijs voor de 4 alternatieve processen dat het probleem is. Bovendien zijn hebben veel evolutiebiologen eigen verlanglijstjes van onderwerpen die ook meer aandacht verdienen. Maar daar kunnen we niet aan beginnen. Evolutiebiologie is levendig, modern en open-minded. Maakt U zich geen zorgen. Alles komt goed.

De progressieven verwijten de conservatieven dat in hun evolutietheorie alles om genen en DNA draait (minachtend: 'gene-centric'). Maar dat is toevallig –zowel theoretisch als empirisch– het meest soliede gedeelte van de hele evolutietheorie! Evolutie is niets anders dan natural selection, drift, mutation, recombination and gene flow. De vier alternatieve niet-Darwiniaanse processen zijn slechts kleine toevoegingen aan deze hoofdprocessen en zijn niet essentieel voor evolutie. Alleen onder bepaalde omstandigheden kunnen ze invloed op evolutie uitoefenen. Eerlijk gezegd zijn punt 1 en 4 sowieso nog lang niet voldoende onderbouwd om opgenomen te worden in de evolutietheorie. Geen gepraat! Aan het werk!

De conservatieven reageren alsof zij in de regering zitten. De progressieven worden tot oppositie gedwongen. Uw problemen hebben onze aandacht en alles wat nuttig en waar is hebben we al opgenomen in ons belied. Wij nodigen U uit om constructief met ons mee te werken aan de toekomst van ons mooie land.

Er zit een grote tegenstrijdigheid in de boodschap van de gevestigde orde: Darwin heeft, en in navolging van Darwin hebben wij altijd al aandacht aan Uw kritiekpunten besteed, én die punten zijn niet belangrijk en slecht onderbouwd.

Ikzelf vind de evolutietheorie zoals voorgesteld door 'de gevestigde orde' een verarming. Als 'natural selection, drift, mutation, recombination and gene flow' de kern is van de evolutietheorie, dan zijn we niet veel verder gekomen dan de populatiegenetica van de jaren dertig. We hoeven ons niet te verbazen dat dit zijn weerslag vindt in de evolutiehandboeken die studenten voorgeschoteld krijgen [3]. Evolutiehandboeken worden door 'de gevestigde orde' geschreven. Zoals ik eerder op dit blog [2] en op mijn website [4] heb beschreven, is evolutie een planetair verschijnsel en moet ook in die context bestudeerd en onderwezen worden. En zelfs dat is niet voldoende. De alles-overkoepelde context van biologisch evolutie is Big History: voortgekomen uit cosmologische evolutie en zich voorzettend in menselijke culturele evolutie. 

Mijn droom: een evenwichtig evolutiehandboek dat door beide partijen is geschreven...

Noten
  1. Je kunt makkelijk een search doen op de site Darwin Online van  John van Wyhe. Het woord 'worm' komt maar 4x in The Origin voor, waarvan 1 in de literatuurlijst en de andere 3 zijn niet relevant.
  2. blog: Big History: een synthese van kosmologie, evolutie, en cultuurgeschiedenis 
  3. blog: Evolutiehandboeken beoordeeld vanuit het Big History perspectief. Tien miljard jaar in de prullenbak?
  4. o.a. hier: About this site en verspreid over de hele WDW website.
  5. Over de Extended Evolutionary Synthesis zeggen de  'conservatieven' tegenstrijdige dingen: 
    1) "But we do not think that these processes deserve such special attention as to merit a new name such as ‘extended evolutionary synthesis’."
    2) "We, too, want an extended evolutionary synthesis, but for us, these words are lowercase because this is how our field has always advanced."