12 February 2014

Over een gebedsgenezer die naar het ziekenhuis ging

Vandaag, 12 Feb 2014, is het precies 205 jaar geleden dat Charles Darwin geboren werd. Het blog voor vandaag ontstond naar aanleiding van een tv uitzending. In 2013 was ik getuige van een kort gesprekje tussen christen-evangelist Mattheus van der Steen en documentairemaker-agnost Victor Vroedindeweij

Victor Vroedindeweij:
"Bijvoorbeeld, de evolutietheorie, daar geloof ik in, wat moet ik daar nu mee?"
Mattheus van der Steen:
"Ik zeg altijd mensen die daar in geloven, hebben een groter geloof dan ik! Ik geloof best in een bepaalde evolutie dat een hagedisje een kikker wordt, dat geloof ik wel. Je gaat mij niet vertellen dat we van de apen afstammen. Die mensen hebben een veel groter geloof dan ik!"
Mattheus en ik (NCRV Dokument)  [11:50]. (uitgezonden Ma 30 dec 2013 22:50)
Sorry! Evolutie is géén geloof en een hagedisje wordt géén kikker. De onwetenschappelijke wartaal die zo'n evangelist uitkraamt went nooit. Het zal nog wel een paar honderd jaar blijven bestaan. Misschien zijn er steeds minder mensen van dat soort, maar ze zullen blijven bestaan.

gebedsgenezing


Iets anders in diezelfde documentaire. De documentaire laat zien hoe Mattheus van der Steen overal ter wereld massale bijeenkomsten houdt, en overal worden mensen genezen door gebed. Hij gelooft dat God die mensen wonderbaarlijk genezen heeft. Die mensen zijn hem daar zéér dankbaar voor. De documentairemaker is sceptisch.

dramatische wending


Later in de documentaire krijgt het verhaal een dramatische wending. De vrouw van de evangelist krijgt schildklierkanker. Zij en honderden andere volgelingen wereldwijd hebben gebeden om genezing. En allerlei rituelen uitgevoerd. Ze hoopten dat de tumor zou verdwijnen. Het gebed werd niet verhoord. Wat in Azië aan de lopende band lukt, lukt niet met zijn eigen vrouw. Maar de evangelist vindt het idioot om naar aanleiding daarvan te twijfelen aan het bestaan van God. Prima. Zijn vrouw zegt desgevraagd: dankzij ons verstand en de medische wetenschap –die we van God gekregen hebben– kunnen we nu ziektes als dit genezen. Mattheus zegt: "ik geloof in de medische wereld. Ik geloof dat ziekte niet van God komt, maar van de vijand, van de duisternis." Ze gaan naar het ziekenhuis voor een operatie. We horen niet hoe het verder met haar gaat, maar we mogen aannemen dat de operatie geslaagd is.

bidden of naar het ziekenhuis


Misschien heeft God ons het verstand gegeven om de medische wetenschap te ontwikkelen. Maar het heeft zo'n 2000 jaar geduurd voordat de medische wetenschap enigszins effectieve therapieën en medicijnen heeft ontwikkeld voor een beperkt aantal ziektes. Was het de bedoeling dat er in die tussentijd mensen stierven aan ongeneselijke ziektes? Dat kan toch niet waar zijn? Waarom bestaan er überhaupt ziektes? (over fine-tuning gesproken).

En: als God ons de medische wetenschap heeft gegeven om ziektes te genezen, waarom zijn er dan nog steeds ongenezelijke ziektes? Waarom sterven mensen nog steeds aan ongenezelijke ziektes?

Waarom is ziekte niet door God gegeven (zoals Mattheus gelooft)? Dat wordt immers op de Veluwe ook vaak geloofd. Mattheus heeft daar een antwoord op: 'de duisternis' veroorzaakt ziekte. Kennelijk kan de wetenschap die 'duisternis' overwinnen, moeten we concluderen! Bidden voor genezing is sowieso vreemd. Zou God echt wachten met beter maken als iemand daarom vraagt en anders niet?

Lastiger is de volgende vraag: waarom bidden om genezing als de medische wetenschap door God aan de mens gegeven is? Waarom niet zo snel mogelijk naar het ziekenhuis? Zonder bidden? Zonder tijd te verliezen? Dat lijkt het meest consequente. Het is nl. niet zonder consequenties als je éérst bid. Het is een risico.

Want het wordt pas echt lastig als God de gebeden niet verhoord. Wat dan te doen? Je er bij neerleggen? Want dat is toch een duidelijk teken dat God niet wil dat je geneest. Want Hij kan het, en Hij hoort je gebed. Als je daarna tóch naar het ziekenhuis gaat, ga je dan niet tegen Gods wil in?
Mattheus lijkt te denken: nu, als God het niet doet, dan zorg ik er zelf wel voor. Maar: dan heb je géén 100% vertrouwen in God! Hoe groot is dan je geloof in God? Een belediging voor God [1]. Denk ook aan zijn eerdere uitspraak: "Ik zeg altijd: mensen die in evolutie geloven hebben een groter geloof dan ik". Hij heeft een zwak geloof. Een gebedsgenezer die naar het ziekenhuis gaat als het gebed mislukt, is een ongelovige.


consequenties


De consequenties van deze gebeurtenissen gaan veel verder dan die mensen in de documentaire. Je kunt in het algemeen niet zonder conceptuele tegenstrijdigheden bidden voor genezing én naar het ziekenhuis gaan als het niet lukt. Maar het gaat nog veel verder: als God vreselijke tragedies als de holocaust laat passeren, dan zou hij wel reageren op verzoek tot genezing van één kankerpatiënt?

evolutie


De evangelist moest lachen om mensen 'die in evolutie geloven'. Maar hij 'geloofde wel in de medische wetenschap'. Maar, als God ons verstand en de medische wetenschap gegeven heeft, heeft datzelfde verstand, en diezelfde wetenschap ons ook niet de evolutietheorie gegeven? Zowel de medische wetenschap als de evolutietheorie zijn beide het resultaat van het gebruik van ons verstand. Dat God ons gegeven heeft. Alweer een inconsequentie.


Stevan Paas en Rik Peels schrijven ook over Mattheus:


"Genezingsclaims worden doorgaans ook door gelovigen met veel skepsis benaderd." (God bewijzen, p.170 paperback). Ze citeren sommige christenen: "Gebedsgenezing is geen alternatief voor de dokter: God werkt primair via de reguliere medische zorg en een enkele keer door speciale wonderen." (p. 169). Ze lijken het er mee eens te zijn: "Het is best mogelijk dat er af en toe een wonder gebeurt" (p. 172). Paas en Peels mogen dan veel meer boeken gelezen hebben, en veel meer artikelen geschreven hebben in de theologisch-filosofische vaktijdschriften dan de evangelist, ze lossen bovengenoemde problemen ook niet op. 

Postscript 13 Feb 2014 08:56


Paas en Peels schrijven iets heel geheimzinnigs over Jezus: 

 
"Deze christenen wijzen er op dat zelfs Jezus in zijn tijd lang niet iedereen beter maakte". Sorry, waarom niet iedereen? Was niet iedereen het waard om beter gemaakt te worden? En over Jezus en zijn volgelingen: "zij genazen eerder terloops ... Hun focus lag bij het verkondigen van een boodschap, niet bij het repareren van allerlei lichamelijke problemen." (p.169). Sorry, terloops mensen genezen? en: 'repareren'? Zijn mensen opeens auto's geworden? Worden hier dodelijke ziektes, blinden, doven en lammen bagatelliserend omschreven als 'allerlei lichamelijke problemen'? En dat minachtend 'repareren'? Kan het soms zijn dat Jezus gewoon niet iedereen kon genezen? (als hij het überhaupt al kon). Paas en Peels vergeten hier uit te leggen waarom de mensen in Jezus tijd geen recht hadden op kwalitatief hoogstaande medische zorg zoals we vandaag de dag hebben. Waarom? Waarom? Waarom?


Noten

  1. Vergelijk: “The preacher convinced Velma that his laying on of hands would work and consulting with doctors would be a sign that she didn't really have faith in God." from: Noretta Koertge: 'Beliefs Buddies versus Critical Communities. The Social Organization of Pseudoscience' in: Massimo Pugliucci, Maarten Boudry, Eds. (2013) "Philosophy of Pseudoscience. Reconsidering the Demarcation Problem", University of Chicago Press.

Bronnen

10 February 2014

Meesters arrogantie

©Bart Voorzanger

Gastbijdrage Bart Voorzanger


Op 18 januari publiceerde Trouw een stuk waarin de VU-hoogleraar statistiek Ronald Meester meer ruimte bepleit voor niet-materialistisch gedachtengoed in de natuurwetenschappen. Ik vind dat prima. ‘Denk’ vooral ‘goed’, en doe dat op alle manieren die zich láten denken. Als er iets interessants uitkomt, hoor ik het graag. Maar Meester heeft gelijk als hij zegt dat velen dat niet prima vinden en al het niet-materialistische denken al bij voorbaat afwijzen. En hij heeft evenzeer gelijk wanneer hij die houding arrogant noemt.
 

Lastiger wordt het als Meester een concreet geval bij de kop neemt. Hij was als co-promotor betrokken bij de promotie van Joris van Rossum die in zijn proefschrift een speurtocht bepleit naar de mogelijkheden van dualistisch, finalistisch en vitalistisch denken over evolutieprocessen. Van Rossum stelt dat evolutiebiologen er tot op heden niet in geslaagd zijn een bevredigende verklaring voor het bestaan van seksuele voortplanting te vinden. En hij meent tevens dat zijn analyse van de theorieën van Darwin en van Dawkins en diens geestverwanten laat zien dat dat zo’n verklaring althans met die theorieën onmogelijk is. Het lijkt er zijn inziens op dat de gangbare evolutiebiologie tekortschiet, dus dat het tijd wordt naar alternatieven te zoeken.

Dit proefschrift leidde tot heftige kritiek van een aantal juist op dit terrein deskundige evolutiebiologen. Huns inziens deugt er van Van Rossums betoog zo ongeveer niets, en lijkt het zonder fatsoenlijke argumenten toe te redeneren naar een conclusie die Van Rossum kennelijk alleen maar nodig heeft als excuus voor zijn eigenlijke stokpaardje: ideeën van buiten het gangbare wetenschappelijke denken. En dat dan ook nog zonder te laten zien hoe dualisme, finalisme en vitalisme seksuele voortplanting dan wel verklaren. 


Meester gebruikt het optreden van deze evolutiebiologen in zijn Trouw-verhaal als voorbeeld bij uitstek van de arrogantie die hij bestrijden wil, en hij trekt behoorlijk fel tegen hen van leer. Hij haalt snierende commentaren van columnisten aan om de perfiditeit van deze oppositie te illustreren, laat ze hem van “InHollandse toestanden – fraude dus?” (zijn vraagteken) beschuldigen, en schetst ze af als angsthazen die wanhopig om zich heen slaan omdat ze hun wereldbeeld zien wankelen: “de reikwijdte en status van de wetenschap zelf waren in het geding”.


En daar is één probleem mee. Die evolutiebiologen hadden gewoon gelijk wat betreft hun inhoudelijke kritiek op het verhaal van Van Rossum, en ze namen het Meester daarom kwalijk dat hij – samen met een filosofische promotor die evenmin als hijzelf iets van evolutiebiologie of wetenschapsfilosofie – deze promotie voor zijn rekening nam. Van angst voor het omvallen van “de wetenschap zelf” was geen sprake, hoogstens van angst voor erosie van universitaire kwaliteit. En de akelige benadering waarover Meester zich beklaagt en die hij die evolutiebiologen verwijt, is – weinig chic – bijeengesprokkeld uit stukken van andere scribenten.


Meester stond natuurlijk voor een lastig dilemma. Hij pleit voor iets waar hij in wetenschapsland weinig handen voor op elkaar krijgt. De kans was dus  groot dat hij daar gewoon genegeerd zou worden. Hét probleem van onze informatiemaatschappij: je kunt alles zeggen, roepen zelfs, maar niemand hoort je nog. Daar sta je dan, op je zeepkistje, op een onafzienbaar veld van zeepkistjes met roepers als jij, in een kakofonie die niet informatiever is dan een doodse stilte. Meester moest dus iets doen om op te vallen, en hij koos voor de directe aanval: “Zullie zijn arrogant, en ik kan dat bewijzen ook; kijk maar!” Soms werkt zoiets.


Alleen, in dit geval waren zullie helemaal niet arrogant. Ze hadden gewoon gelijk, en daarmee staat Meester, nog altijd op zijn zeepkistje, in zijn hemd.


Ik heb Meester geschreven. Ik heb hem uitgelegd wat er mis is met zijn aanval, hem een uitgebreide analyse gestuurd van het proefschrift dat nooit een proefschrift had mogen worden, en hem gesuggereerd zijn beschuldigingen in te trekken. Per slot van rekening zijn er nog heel wat redelijke lezers die het je niet euvel duiden dat je wel eens je vergist, zolang je maar bereid blijft dat ruiterlijk toe te geven, en die het betoog van iemand die zijn fouten toegeeft makkelijker lezen dan dat van iemand die botweg blijft volhouden dat hij gelijk had, heeft, en hebben zal. Van zulke lezers moet Meester het hebben. Wie tegen de stroom in roeit, redt het niet zonder welwillendheid.


Maar Meester zwijgt. Ik had haast geschreven ‘zwijgt arrogant’.
 


Mijn commentaar op het betrokken proefschrift is te vinden op:
http://www.voorzanger.nl/vanrossum.pdf


Bart Voorzanger


Opmerking blogbeheerder: 

Deze bijdrage was aangeboden aan Trouw maar Trouw had op korte termijn geen plaats en na een paar weken zou het onderwerp niet meer actueel zijn.

 

Postscript

Een zeer uitgebreide bespreking van het boek Arrogant is verschenen in Skepter: Gerdien de Jong (2014) Arrogante darwinisten. Hoe een wiskundige ze de les leest.



Vorig blogs


03 February 2014

Vernietigend oordeel Bart Voorzanger over proefschrift Joris van Rossum

Arrogante promotor heeft selectief geheugen
Bionieuws 1 feb 2014


Naar aanleiding van het verschijnen van het boek Arrogant van Ronald Meester, schreef Bart Voorzanger alsnog een analyse van het proefschrift van Joris van Rossum 'On sexual reproduction as a new critique of the theory of natural selection' (2012). Ronald Meester was één van de twee promotoren van Joris van Rossum.
Voorzanger concludeert:  

"Een proefschrift met zulke ernstige tekortkomingen had zonder meer moeten worden afgewezen.

Het is verleidelijk alle kritiek uitsluitend te richten op Van Rossum, en ik geef toe dat ik in het voorgaande soms ook voor die verleiding bezweken ben. Maar echt eerlijk is dat niet. Alleen grenzeloos geniale mensen kunnen in hun eentje waardevolle wetenschap voortbrengen. Gewone stervelingen hebben daar hulp bij nodig. Die hulp kreeg Van Rossum niet. Hij werd “begeleid” door een filosoof en een wiskundige die geen van beiden iets van biologie wisten, laat staan dat ze beschikten over de voor dit soort werk toch echt vereiste kennis van evolutiebiologie en populatiegenetica. En eerlijk gezegd heb ik van hun kennis van wetenschapsfilosofie ook geen al te hoge pet op.

Zij lieten toe dat Van Rossum zich vastbeet in een onhoudbaar idee, een risico dat elke gewone sterveling loopt, en waartegen alleen permanente kritische toetsing door deskundige meedenkers bescherming biedt. Van Rossums begeleiders hebben hem op dat punt lelijk in de steek gelaten. Mogelijk hebben ze dat niet beseft, maar dat maakt het des te erger. 
We weten nu dat Van Rossum ten onrechte promoveerde op zijn On sexual Reproduction as a New Critique of the Theory of Natural Selection, maar wat wij niet weten is of hij ten onrechte gepromoveerd is. Misschien had hij, als hij wel begeleid was, een indrukwekkend proefschrift voortgebracht waarmee hij aan een succesvolle carrière als evolutiebioloog of wetenschapsfilosoof kon beginnen. De kans om zich alsnog te bewijzen zal hij met deze mislukking op zijn naam niet makkelijk krijgen. In die zin hebben Meester en Van Woudenberg hem van iets zeer wezenlijk beroofd."

De complete tekst van Bart Voorzanger is hier op zijn website te vinden. Bart Voorzanger studeerde biologie, promoveerde in 1987 aan de VU als wetenschapsfilosoof op het proefschrift 'Woorden, waarden en de evolutie van gedrag, over evolutiebiologie, menselijk gedrag en de grondslagen van de ethiek'.


Vorig blog


Tegen Ronald Meester: God is geen werkbare hypothese in de wetenschap (18 Jan 2014)