Lezing 3: Hoe te handelen bij onzekerheid?
Das grüne paradoxon van Hans Werner Sinn (econoom) laat zien dat
bij onzekerheid vaak gekozen wordt voor korte termijn politiek. Bijvoorbeeld Canada had in het Kyoto-protocol een CO2-reductie beloofd
van 6 % in 2009 t.o.v. 1990. Daarna werden grote teerzandlagen
ontdekt in Canada, waaruit olie gewonnen kan worden. Dat werd in 2009
dus 17% vermeerdering van de CO2-productie voor Canada t.o.v. 1990. In
2011 stapte Canada uit het overleg. De vertoning was zo genant dat
Canada zich hieruit alleen kon redden door zich terug te trekken.
Kortom: hoe kunnen we free-riders straffen?
Bij de huidige onzekerheid kunnen we het volgende doen:
- Terugdringen CO2-uitstoot. Mitigatie is zeer kostbaar. Alle grote landen moeten meedoen. Strafmaatregelen voor landen die niet meedoen.
- Adaptaties. Mitigatie is een wereldwijd probleem, adaptatie een lokaal probleem. Nederland moet nadenken/berekeningen maken over dijkverhogingen (gebeurt al volop). Arme landen lopen veel grotere risico’s (moreel probleem voor de rijke landen). Adaptatie is niet altijd mogelijk. Bijvoorbeeld als het gaat om de verzuring van de oceanen bij hogere CO2-concentraties in de lucht, is adaptatie eigenlijk niet mogelijk.
- Geo-engineering. Toepassen van technieken die de opwarming van de aarde tegengaan. Het bekendste voorbeeld is de opslag van CO2 ondergronds. Speculatiever is het verminderen van de zonne-invloed door Aardse verwitting (geeft meer weerkaatsing van zonlicht) of soort spiegeltjes in de lucht laten zweven (albedo-verhoging; meer weerkaatsing van het zonlicht)
Voorbeeld: Nederland kocht in 1626 Manhattan van de Indianen voor 26 dollar. Met een rekenrente van 4% zou dat nu 152 miljard dollar zijn. Wat hebben we aan dat soort berekeningen?
Bij de onzekerheden moeten we ook rekening houden met belangrijke omslagpunten:
- Smeltend landijs in Groenland en Antarctica; minder weerkaatsing zonlicht: zichzelf versnellend albedo-effect.
- Onder de toendra’s in het Noordpool-gebied bevinden zich grote hoeveelheden methaan. Als de permafrost ontdooit, komen er grote hoeveelheden methaan vrij (de methaan-bom). Methaan is een zeer sterk broeikasgas. Methaan wordt in de atmosfeer echter langzaam geoxideerd. Moeilijk in te schatten probleem.
- Het eventueel doodgaan van de koraalriffen zal funest zijn voor de visstand wereldwijd.
- Een andere tijdbom is de snelle aantasting van de oerwouden in het amazone-gebied.
Herman Philipse kiest voor het voorzorgsbeginsel bij CO2-mitigatie. Dan dus bijvoorbeeld 10 % van het BNP per jaar investeren in maatregelen om CO2-mitigatie te bevorderen.
Vierde lezing: wat moeten we doen?
Uitgangspunt: geen pessimisme als zelfvervullende profetie maar ook niet teveel optimisme. Een realistische benadering dus volgens Philipse. Maar Philipse liet nu juist blijken tijdens deze lezingen behoorlijk pessimistisch te zijn. Maar goed het woord realistisch doet het altijd beter dan het woord pessimistisch, zeker in wetenschappelijke kringen.
Onze uitdaging in getallen: stel: we willen CO2equivalent-concentratie in 2050 beperken tot max. 500 ppm. [NB: dit is wellicht te hoog: 96% kans dat de temperatuur dan meer dan 2ºC stijgt t.o.v. pre-industrieel niveau; 44% kans meer dan 3ºC! Maar: we zitten nu al rond 450 ppm CO2equivalent-concentratie (402 ppm CO2)]. Dan moeten we de mondiale CO2-uitstoot in 2050 reduceren tot 50% van het 1990 niveau (we zitten nu ruim 60% boven het 1990 niveau). Dat betekent gemiddeld per persoon wereldwijd een reductie van 7-8 ton CO2equivalent per jaar naar 2 ton per jaar (groei wereldbevolking in acht genomen). Een bijna onmogelijke taak.
Domeinen van handelen:
- Opvangen en opslaan C02
- Overstappen naar uitstootvrije energie
- Stoppen ontbossing met name in Brazilië en Indonesië; internationale hulp is nodig
- Delen technologie met ontwikkelingslanden
- Meer investeren in onderzoek
- Niet reizen met het vliegtuig
- Auto de deur uit
- Huis isoleren
- Wordt vegetariër (18% CO2-equivalenten uitstoot komt op rekening van vleesproductie en consumptie)
- Politiek activisme: klimaatprobleem hoog op agenda zetten; Nederland is nauwelijks meer aanwezig in de debatten.
Elke maatregel apart heeft zijn beperkingen. Waarschijnlijk is een mix van maatregelen het beste.
Op wereldschaal is internationale harmonisatie erg belangrijk.
- Voeg wereldbank en IMF samen tot een WEO (World Environment Organisation).
- doelstelling globale emissiereductie per decennium.
- ontwikkelingslanden moeten snel meedoen (2020) want: in 2050 wonen daar 8 der 9 miljard mensen.
- per land invoering emissiebelasting of –handel.
- internationale samenwerking om ontbossing te stoppen.
- ontwikkelen en delen technologieën.
- adaptatiehulp arme landen.
Dit slagveld overziende is mijn (Nand Braam) tip aan u, als u op korte
termijn op individueel nivo iets substantieels wilt doen tegen de
klimaatopwarming en hetgeen u geheel en al zelf in de hand heeft:
Vorig blog over dit onderwerp:
Klimaatverandering. Herman Philipse lezing 1 en 2 (5 mei 2014)



