Nieuws

21 nov 16: Persbericht: KNAW: genome editing vraagt om publiek debat en heldere regelgeving
18 nov 16: Volkswagen schrapt 30.000 banen door dieselschandaal en transitie naar elektrische auto
16 nov 16: 100.000e elektrische auto rijdt op de Nederlandse weg (AD)
10 nov 16: Is Erik Verlinde de nieuwe Einstein? Sterrenkundige Margot Brouwers resultaten wijzen er op dat Verlindes theorie klopt!
8 nov 16: Nederlander Erik Verlinde komt met baanbrekende theorie over zwaartekracht
8 nov 16: Chimpansees winden draderige algen als spaghetti om een stokje nrc
6 nov 16: The Origami Code. NPO 2 Zondag 6 nov 2016 19:15. Kijk de aflevering hier terug. Is zeer de moeite waard!

*) zie hier. [ Archief Actualiteiten ]

05 januari 2015

Nederlandsche Vogelen (4) Theologische invloeden op de beschrijving van vogels

Koekoek (©KB) p.219
In de vorige blogs over het boek de Nederlandsche Vogelen 1770–1829 beschreef ik enige theologische beschouwingen over de Schepper en de Schepping, die ik tot mijn verbazing vond tussen de beschrijving van vogels. Ik dacht dat het bizarre uitzonderingen waren die niet thuishoren in een encyclopedie van Nederlandse vogels. Maar al verder lezend vond ik er nog een stuk of tien. Wat doen theologische bespiegelen überhaupt in een boek over vogels? Welke vogels geven aanleiding om over de Schepping te filosoferen? Zijn dit onschuldige toevoegingen zonder verdere consequenties, of hebben ze invloed op het wetenschappelijk denken?
 
Het eerste, misschien wel meest opvallende voorbeeld, is de Koekoek. Er is een natuurwet volgens welke alle vogels hun eigen eieren uitbroeden en de jongen grootbrengen. Een logische en vanzelfsprekende natuurwet waar je nooit bij stilstaat. Maar de Koekoek is een raadselachtige uitzondering op die zo vanzelfsprekende Natuurwet. Om bepaalde redenen mist de koekoek het vermogen zijn eigen eieren uit te broeden. Zo is de gedachtengang van de auteur. Maar de Schepper heeft de koekoek het vermogen gegeven om dat gebrek te compenseren. De oplossing: de koekoek maakt gebruik van de diensten van andere vogels. Hij legt zijn eieren in het nest van kleine zangvogels, zoals de kwikstaart. Zo kan de koekoek toch zijn voortbestaan verzekeren [1]. Zo komt alles toch nog goed. Zo was de natuur, inclusief de afwijkende koekoek, toch nog 'the best of all possible worlds' [2]. Ik kom hier in het slot van dit blog nog op terug. Eerst de rest van de voorbeelden die ik gevonden heb.

Grooter Bont Specht (p.94) ©KB
Ontroerend, maar in moderne ogen naief, is wat de auteur schrijft over de Grote Bonte Specht:
"Hiertoe dienen hem ook, door eene wyze en goedertierene verordeninge van den Schepper, zyne 2 voor- en 2 achter-vingers, die sterk, scherp en krom genageld, des te gemaklyker op de oneffene oppervlakten van de boomschorsen zig klemmen, ..." (p.93-95)
Dus: de Schepper heeft de specht uitgerust met precies de juiste poten om goed op bomen te kunnen klimmen! De specht is uitgerust met the-best-of-all-possible-worlds-poten! Waarom niet 3 tenen boven en 3 onder? Is dat niet nog beter? Nee, het is geschapen volgens een wijze en goedertieren verordening van de Schepper, dus het kan niet beter. Geen detail is te klein of onbeduidend voor de Schepper.
Grauwe Klauwier ©KB

Dat geldt ook voor de Grauwe Klauwier die de lugubere gewoonte heeft om nog levende torren en vliegen op doornen te prikken als voedselvoorraad. Juiste naar aanleiding van deze in onze ogen wrede gewoonte schrijft de auteur:
"zoo levert ons die byzonderheid van huishouding gereede stof tot bewondering en tot eerbied voor de verordeninge der allwyze en allgoede Voorzienigheid." (KB)
Dit staat letterlijk midden in een beschrijving van de levenswijze van deze vogel. De auteur wil duidelijk maken dat het nuttig is een voedselvoorraad aan te leggen wanneer er minder insecten zijn. Het lijkt wel dat de schrijver juist bij bizarre verschijnselen de behoefte voelt om die toe te schrijven aan de alwijze Schepper. Bij 'normale' verschijnselen hoeft dat niet zo?

nachtegaal ©KB
De Nachtegaal maakt zijn nest in dorre bladerhopen op de grond:
"De allgoede Voorzienigheid heeft wyselyk de Broedplaetsen deezer vogelen op of aen en naeby de dorre en gerotte bladerhoopen verordend...." (KB)
Waarom? Omdat daar de meeste insecten leven die tot voedsel voor de jongen kunnen dienen! Voor zoiets triviaals wordt de Voorzienigheid ingeschakeld. Niet voor de onovertroffen zangkwaliteiten van de nachtegaal. 



De Zwaan is perfect gebouwd om op het water te leven: 

"Door den Schepper daargesteld om op het water haar verblijf te houden, is zij daartoe ook geheel geschikt " (KB)

Die beschrijving doet bijna komisch aan in moderne ogen.
Wilde Zwaan ©KB




De Kluut heeft als enige vogel een omhooggebogen snavel:

"De Maeker nu van den Kluit voorzag hem, voor allzulke geleegendheden, van eenen bek, die by zyne bogtige lengte en spitsuitloopende dunheid ..." (KB)

Dus: hij heeft van de Schepper een snavel gekregen die perfect past bij zijn levenswijze!
Kluut ©KB

De Amerikaanse Schaarbek:
"Indien nu de Schepper deze vogel bestemd hebbende, tot het bedrijf waarvan wij zoo even spraken, hem met eenen stompen Bek had uitgerust..." (KB)
m.a.w. de Schaarbek heeft zijn unieke bek gekregen omdat die precies past bij zijn levenswijze.
(Amerikaanse) Schaarbek ©KB

Het hoogtepunt van de anthropocentrische en bijbelse denkwijze is wat de auteur schrijft over de kip. Volgens de auteur is de kip een makkelijk te houden dier, dat geen hoge eisen stelt aan zijn voedsel en de mens in ruime mate voorziet van eieren en vlees. Wanneer je steeds het tweede ei weghaalt, schrijft de auteur, blijft zij nieuwe leggen:

"de Alwijze Schepper heeft dit vermogen aan eenige Vogelen gegeven, bijzonder aan die, waarvan de Eijeren tot voedsel voor de Menschen kunnen dienen, als Hoenders, Eenden, Kiviten, [3] enz. enz." (KB)
"wij voeren over hun de uitgebreidste heerschappij en zij brengen ons daarbij, een buitengewoon groot voordeel aan."

Gallus domesticus (kip) ©KB
Men ziet in dit laatste een verwijzing naar Genesis: God schiep de mens naar Zijn beeld en gelijkenis, met de bedoeling dat deze zou heersen over de hele aarde en over alle dieren (Gen. 1:26-28). Voor de moderne lezer komt het idee dat de eigenschappen van de kip verklaard kunnen worden uit het feit dat ze nuttig zijn voor de mens, erg naief over. De kip is een gedomesticeerd dier, en is gekozen vanwege zijn goede eigenschappen en die eigenschappen zijn in de loop der tijd door veredeling verbeterd. De auteur kent feiten die hem aan het denken zouden kunnen zetten, zoals "zij leggen tweemaal in het jaar, in het voor- en najaar, de voorjaarslegging is de beste". En: kippen leggen niet tijdens de rui en hij noemt de rui een soort ziekte. De moderne lezer vraagt zich af: als de kip voor de mens is geschapen, waarom legt de kip dan niet het hele jaar door? en waarom heeft de kip dan een onproductieve rui-periode? En waarom moet de kip door een trucje aan het leggen blijven? Het zijn feiten die men toen kende, maar die geen aanleiding waren om te twijfelen aan het geloof dat al die mooie eigenschappen van de kip speciaal voor de mens geschapen waren.

Een staaltje 100% pure theologie komt men uitgerekend tegen bij tamme duiven, zoals de Jacobijn duif, en dan nog wel een door mensen doorgekweekte mutant. De inleidende theologisch paragraaf eindigt met:

"... tot de verhevene almagtige oorsprong van dit alles, tot die eeuwige aanbiddelijke magt, wijsheid, goedheid en genade, door en in welke alles wat is, zich beweegt, ademt en leeft." (KB)
Jacobijn-duif ©KB


En naar aanleiding van het Meeuwtje (een duivenras): 

"Zo wordt onze verbeelding door alles wat de Natuur daargesteld heeft, dan eens met verbazing vervuld, dan eens wordt wederom ons oog bekoort, dan weder ons hart geroerd, en het beschouwen van dit alles leert ons de aanbiddelijke macht van hare Schepper en Onderhouder eerbiedigen." (KB)
Het Meeuwtje ©KB





 
 
Conclusie

Wat leren we van bovenstaande voorbeelden? In de tijd toen de Nederlandsche Vogelen werd geschreven (eind 18e, begin 19e eeuw) was de natuur ingericht volgens de oneindige wijze wetten van de oneindig wijze Schepper. Alles was geschapen. Misschien met de enige uitzondering de zgn. 'spelingen der natuur', die waren door toeval ontstaan (zie deel 2) [5].
Omdat aan alles in de natuur een wijs besluit ten grondslag ligt, vroeg men zich niet af: waarom bestaat er bijvoorbeeld een afwijking van die universele regel dat vogels hun eigen eieren uitbroeden? zoals in het geval van de Koekoek. Men twijfelde niet aan de veronderstelling dat de koekoek niet in staat was zijn eieren zelf uit te broeden. Men meende zelfs een anatomische verklaring gevonden te hebben waarom de koekoek niet zou kunnen broeden. Evenmin twijfelde men aan de wijsheid van het besluit dat de koekoek -om voort te kunnen blijven bestaan- zijn eieren in de nesten van andere vogels moet leggen. Men vond de koekoek kennelijk niet lui of egoïstisch zoals men andere vogels wel eens verweet [4]. Men merkte niet op dat deze oplossing ten nadele van de voortplanting van andere vogels was. Evenmin verwonderde men zich er over dat de gastheersoort een jong dat niet van henzelf is gewoon voert alsof het zijn eigen jong is. 

De logica dwing ons tot de volgende gedachtengang: als alle natuurverschijnselen uiteindelijk verklaard moeten worden door een wijs, maar soms ondoorgrondelijk, besluit van de Schepper, dan is automatisch iedere vogel een bewijs van de wijsheid van de Schepper. Er kunnen dan ook geen slechte of goede bewijzen voor de schepping zijn. Slechte 'oplossingen' in de natuur zijn in strijd met de wijsheid van de Schepper [5]. Die kunnen niet bestaan. Bovendien kunnen er principieel geen tegenbewijzen van een perfecte schepping zijn. Wat zou een tegenbewijs van schepping kunnen zijn? Ongeschapen is ondenkbaar (voor die tijd). Maar is de wijsheid van de schepping dan niet gewoon een aanname? Maar als dat een aanname is, dan zijn al die bewijzen helemaal geen bewijzen voor schepping. Die 'bewijzen' volgen logisch uit de aanname. Alleen als schepping géén aanname is, kunnen er echte bewijzen en echte tegenbewijzen bestaan.

Waarom dan de Koekoek, de Grote bonte specht, Grauwe klauwier, Nachtegaal, Wilde zwaan, Kluut, Schaarbek, kip, Jacobijn-duif, en het Meeuwtje als voorbeelden van de wijsheid van de Schepper gekozen? Ik denk dat het (bizarre) uitzonderingen zijn op wat men in die tijd als natuurwetten zag. Opvallende zaken als afwijkende, uitzonderlijke snavelvormen trekken de aandacht: lepelaar, kluut, en schaarbek. En de auteur 'verklaard' die door te bevestigen dat er een wijs besluit aan ten grondslag ligt. Zelfs het bizarre voorbeeld van de koekoek die niet zelf zijn eieren uitbroedt, vormt geen tegenvoorbeeld van de wijsheid van de schepping. Het feit verklaarde men toen met (zoals we dit nu zien) een pseudo-oplossing: het wijze besluit om andere vogels de koekoekseieren uit te laten broeden! Ik denk dat het de bizarre, onbegrijpelijke zaken zijn waarvoor de auteurs aanvoelen dat ze potentieel strijdig zijn met een perfecte en goede schepping. En dat ze er daarom een verklaring voor moet geven. Die verklaringen werden bevestigingen van de wijsheid van de Schepper. En zo is de cirkel weer rond.

In die tijd was het ondenkbaar om kritische vragen te stellen over de wijsheid van de Schepper. Maar dit belemmert verder onderzoek. Immers, als je geen vragen stelt, hoef je geen verder onderzoek te doen. En dan kom je ook niet tot nieuwe inzichten. De vragen die hij wel stelde, werden beantwoord binnen het theologische paradigma van die tijd. Geen wonder: Nozeman was theoloog en heeft het boek geschreven: 'Beschouwingen over de beste Weereld of Philosophische bedenkingen over Gods goedheit en wysheit' [2]. De auteur kon zich niet losbreken uit het theologisch paradigma van de perfecte schepping. 
We kunnen de inleidende vraag 'Zijn dit onschuldige toevoegingen zonder verdere consequenties, of hebben ze invloed op het wetenschappelijk denken?' dan ook beantwoorden met: het zijn zeker geen onschuldige, vrome toevoegingen. Ze belemmerden wetenschappelijke vooruitgang. Ze vormden een verstikkende dwangbuis voor het interpreteren van de natuur.



Noten
  1. "Het was by hem eene volslagen afwyking van de zoo eindeloos wys verordende Natuurwet, volgens welke was vastgesteld, dat de Moedervogelen, is 't noodig, een Nest maeken, ten minsten haere eigenen Eijeren uitbroeden, en voorts haere uitgekoomene jongen opbrengen. - De dagelyksche ondervinding leert standvastig, dat de Koekoeken eene uitzondering op die Natuurregel maeken.". "En het is aenbiddelyk wys, en in de gadeloos heerlyke en schoone Huishoudingen der Natuur verwonderlyk welgeschikt, dat een vogel, die, om andere redenen, werdt onbekwaam gelaeten tot Broeding, met een overleg werdt begiftigd om dat gebrek te verhelpen, en langs den zoo even gezegden weg de voortzetting van zyn geslacht door den dienst van anderen te bevorderen en geregeld te onderhouden." (Deel II, p.219-221)
  2. Is afkomstig van de filosoof Leibniz. Cornelius Nozeman was theoloog, 'Leeraer der Remonstranten' en heeft het boek geschreven: 'Beschouwingen over de beste Weereld of Philosophische bedenkingen over Gods goedheit en wysheit' (1752). 
  3. Over de kieviten wordt gezegd dat ondanks de enorme slachting die jaarlijks wordt aangericht: "er echter altoos, door wyze en gunstige schikkinge der Voorzienigheid, voor ons Land eene verbaezende veelheid van dit gevogelte overig." (KB)
  4. Blauwe Kiekendief (p. 645): lafhartig omdat hij weerloze kuikentjes grijpt! Maar is dat geen wijze verordening van de Schepper?
  5. Behalve 'spelingen der natuur' kende de auteur ook aangeboren mismaaktheden: "Onder de Dieren komen, zo wel als onder de Menschen, somtyds in  't een of ander Lighaamsdeel mismaaktheden voor; doch die bepaalen zig, doorgaans, tot een individuum; dat is tot één enkel Dier, zonder dat zy door de Voortteeling overerven; " (pagina). Soms komt er een individu voor met een gekruisde snavel, maar in een meest verwonderlijke vogel, de kruisbek, komt het bij ieder individu voor. De auteur trekt geen theologische conclusie![toegevoegd 10 Jan 2015]



Vorige blogs over dit onderwerp:
  1. Nederlandsche Vogelen (1) Een vernieuwend ornithologisch standaardwerk uit de 18e - 19e eeuw
  2. Nederlandsche Vogelen (2) Een aanzet tot evolutionair denken in de kiem gesmoord.  
  3. Nederlandsche Vogelen (3) Zo mooi en zo lekker! 

5 opmerkingen:

Theo Smit zei

Nederlandsche Vogelen 1770–1829.

Ha Gert, heerlijk stukje, maar Darwin kwam toch pas in 1859 - mijn geheugen is langzaamaan bijna nooit meer zomaar zeker van een jaartal of naam, maar ik ga het betreffende jaartal ook niet opzoeken - met het 'anders kijken' naar de wondere wereld, die al wel om de zon draaide. Elke caberetier- wist wel raad met Chriet! van die 'wondere' wereld. Maar zie de Eneco-reclame en Chriet was dan een 'ziener'! Times they are a...

Vooral die koekoek is wel heel bijzonder toch. Jij zou in een ander tijdsgewricht misschien wel een Ark verzonnen kunnen hebben waar die 'mafkees' onder de vogelen dan zeker niet mee mocht doen?

Nee in de 'fijnmazigheid' van de discussies binnen de evolutietheorie (zie Gerdien en Marleen en de echt 'biologische' delen van jouw werk) zou ik me niet durven wagen. Ik zou niet alleen meteen een uilskuiken zijn, maar sowieso een koekoeksjong.

Wat de Schepper vóór 1859 voor had met de Krombekken en de speciale Appelvink in een gewoon tuintje (oh nee, dat je had toen ook nog niet): ok, ik mis ze in je samenvatting: engelen als de ijsvogels en de (al in een kooitje gezette) toekan? (Niet-Hollands, dus niet in dat boek.) Ik weet het Gert, ik kan het allemaal 'opzoeken', maar verteld is het een stuk leuker.

Zie ook mijn favoriete theologen, met stoere namen als JR, TS en ER, eigenlijk allemaal 'spruiten' uit een ooit discussie op jouw blog (voor mij) rond 2007. De persoonlijke 'comparatieve' neiging (uit op overeenkomst en verschil zien) werd/ wordt een woud, dat me dan weer uiteindelijk het wel wat dieper doorleefde inzicht oplevert dat er een 'echt''recht' van overtuiging is, dat zich inderdaad wel door 'wetenschap' kan en moet laten aansturen! De drie heren (of moet ik zeggen vier, want ook GK) zijn zo verschillend dat er voortdurend 'woordoorlogen' (argumentatieve discussies genoemd) zijn of juist zouden moeten zijn als ze er niet zijn. Je snapt het hopelijk wel: hier komt de 'wanhoop' : God zij met ons, want het bange gelaat bij het echt van een afstand ook 'gezien' hebben, van het aardse projectiel (nou ja 400 km, 28.000 km per uur) moet de leidraad zijn, zei de nieuwe Mao?

Nee, maar het wapengekletter van drie zelfs 'min of meer toevallig via jou sinds 2007' gevolgde 'theologen' kunnen debatteren en lullen als Brugman, maar veel concordantie is er niet. God is persoonlijk en voor de ongelovige 'onbereikbaar'.

Voorlopig de beste bril: die Kuipers op had, en 'testen', dus harder ondervragen, opdat hij zijn 'bangigheid' wat meer aflegt, maar dan nog wordt het zeer waarschijnlijk: God zij met ons, want we weten echt niet wat we doen. We doen namelijk maar wat, wat het beste uitkomt. Met zijn allen....(Carnaval komt eraan).... Koekoek.

gert korthof zei

Theo, JA: Darwin publiceerde The Origin in 1859! Maar, mijn punt was als je géén alternatief hebt (Darwins evolutietheorie) HOE je dan wetenschappelijk omgaat met bizarre observaties zoals de koekoek. Als je gewetensvol wetenschap bedrijft, (ornithologie!) dan zou je een lijst kunnen bijhouden van zaken die niet of moeilijk in je paradigma passen... in plaats van ze te negeren of glad te stijken...

Ja, die appelvink heb ik nooit in mijn tuin gehad, maar... ik heb regelmatig een goudvink! Zeg, nou zelf: welke is mooier?
IJsvogels? staan wel in het boek en een afbeelding staat in deel 2 (Een aanzet tot evolutionair denken in de kiem gesmoord). Vreemd: de ijsvogel wordt wel een van de schoonste van de Ned vogelen genoemd maar de auteur vergeet dat aan de Schepper toe te schrijven! Overbodig?

Theo Smit zei

Ja Gert, slimme vos (om maar eens een andere diersoort te noemen), maar Darwin heeft toch mede een enorme 'boost' gegeven aan het 'echt' wetenschappelijk denken, en die Vogelen werden toch daarvóór beschreven?

Eerst zou ik al die vier columns van je over het onderwerp weer moeten teruglezen, maar die tijd ontbreekt me nu.

Dan gaat het verder in elk geval om een vak dat als 'geschiedenis van de wetenschaps(filosofie)' staat, en dat ongetwijfeld al weer een apart 'veld' zal zijn op de universiteit, met meer of minder specialisten. (Het woord biologie is 'ouderwets', zou je hardhandig hebben kunnen leren, bijvoorbeeld, bij het (proberen te) volgen van jouw denken in de periode 2007-2014.)

Ik moet een eigen 'zoektocht' van zeven tot acht jaar naar een eind zien te brengen, die ooit begon bij jouw blog. Zelfs het 'verschijnsel' blog was in 2007 nog helemaal nieuw voor me.

Dus het dankwoord dient aan de bron, wie weet is dit een diepe psychologische en bijna wiskundige resultante van wat er in je oortjes werd gefluisterd (de veiligheid bij God via het wijwatervaatje voor het slapen gaan, 1953) aan normen en waarden.

Het 'landschap' van God (en niet-God) blijft onoverzichtelijk, maar JR bleef stiekem mijn hart stelen (één been of geen been) (van de meisjes onder de mannen-theologisten, de amateurs zoals ik, die de 'zeer strakke, bijna wiskundige God, van ER toch ook diep in het hart heeft gesloten: de nadruk op argument met nooit de pretentie van 'bewijs').

Als er een God is, is het een Vrouw, Maria, die 'zogenaamd onbewust' weet dat ze tussen haar 20 en 24 -ste 'het beste mannetje' moet zoeken, en dat klinkt gelukkig wat aardser, en biologischer, met vele gevolgen voor het wereldbeeld. Ze slangt wel degelijk, en nog steeds om nageslacht. Maar eenmaal in de 'pregnantie- periode: een "Goudvink".

Oh, de Appelvink, dacht Nico de Haan. (Uiteraard zat de goudvink ook al in mijn tuin, Gert.)

Kort en goed, ik heb een enorme hoop bijgeleerd van de vier idealisten, maar moet terug naar de werkelijkheid.

God bestaat in allerlei vormen, en kan bestaan. Mij best, zonder bommen en granaten. Hé lieve André, zeg nou eens precies wat er allemaal 'door je heen ging' vóór en tijdens en na die 'ervaringen'? (A la het 'sport-inrerview.)

Hele legers (gewone mensen) (nou ja) zitten op 'jouw' betekenisgeving te wachten, uiteraard, bwvs, misschien alleen maar ik alleen, na het vrij lang intensief lezen van GK, JR, TS en ER. God zij met ons, moet een 'omvattend' 'idee' zijn?

gert korthof zei

Theo: sorry, ik was niet duidelijk in mijn comment. Darwin en de auteurs van De Nederlandsche Vogelen Nozeman en Houttuyn wisten alle van het bestaan van de koekoek. De vogels zijn en waren altijd hetzelfde. Alleen de interpretatie was verschillend. Voor Nozeman en Houttuyn was de hele schepping inclusief de koekoek een bewijs voor God. Voor Darwin was heel de 'schepping' inclusief de koekoek een bewijs voor evolutie.

Maar die overgang is niet plotseling gegaan. Dat is onvoorstelbaar. Nozeman en Houttuyn wisten al dat er spelingen der natuur waren die niet door de Schepper maar door het toeval ontstonden. Spelingen der natuur zoals witte vogels van een soort die normaal niet wit is. Voor hun waren dat curiositeiten waar ze niets meededen. Maar in feite waren het de eerste scheurtjes in de scheppingstheorie. Voor Darwin waren die 'barstjes', die variaties, het bronmateriaal voor evolutie. De rest is history...

Wat Nozeman en Houttuyn hadden kunnen en moeten doen is een lijst maken van weerbarstige feitjes die niet goed passen in de scheppingstheorie.
Wat de Darwinisten moeten doen als ze het beter wil doen dan Nozeman en Houttuyn is, wel een lijst van weerbarstige feiten aanleggen...
Ik hoop dat ik het zo beter heb uitgelegd?

Theo Smit zei

Gert, dank voor je 'milde' reactie. Waar ik mijn geliefde kruisbekken (in hun voornamelijk omgaan/ overleven met dennenappels) zomaar voor krombekken debiteerde. Ik zou beter hebben moeten weten: de kruisbek had de 'waarnemers' juist moeten opvallen toen ik voor het eerst van de kruisbek hoorde, maar evengoed snapte ik in de kleuterschool al niet dat na 'het idee' van puzzelen het niet volstrekt duidelijk was dat Afrika en Zuid-Amerika 'pasten'.

Op de eerste klas van de 'lagere' school werd het meteen een uitbrander. (Wie weet kan ik me alsnog tot Deetman wenden?) Drie schoolgeneraties werd het doorploegde wetenschap via Pangea enzovoort.

Er is niet anders dan een lijst van weerbarstige feiten toch te blijven overdenken. Ik ben het deels met je eens. Het zou moeten zijn: God zij met U, in plaats van ons. Taalkundig geeft het de atheist (non-godist) de betere ruimte.

Nee, slecht idee, slijk is slijk, je hebt in dezen gelijk. Maar veel wijst nog veel meer op tolerare. De 'wetenschap'wist dat al, over de Gauss- kromme, over de 'normaal-verdeling, zeker met een IQ van 130 plussers, voelt 'God met U' ook als niets aan. Leiverd, zeggen ze in Groningen soms, wat gaat daar dan boven? Ijsland, las ik vandaag.