02 June 2021

Eerste poging om de zon te fotograferen met de Lunt telescoop en de Sony A6400 camera

Twan Bekkers aan het werk met de Lunt telescoop
type: ST60/500 LS60T Ha B1200 C PT

De eerste poging om de zon te fotograferen met de Lunt telescoop en de Sony α6400.

De Lunt telescoop is speciaal ontworpen voor het bekijken van de zon (ingebouwde filters, etc.). Normaal kijk je met een verwisselbaar oculair met vast brandpunt. Juist omdat de telescoop speciaal is ontworpen om met het blote oog naar de zon te kijken, hoef je niet bang te zijn dat jouw netvlies of de camera sensor kapot brandt.

Fotograferen

Je hebt een adapter nodig om je een camera op de telescoop te kunnen monteren. In mijn geval een Sony E-mount compatibele adapter. Maar dat is pas het begin. Als de camera met een adapter op de telescoop bevestigd is, dan vervang je in feite het oculair van de telescoop door de camera. Tegelijk vervang je het objectief dat op de camera past door de telescoop. Vanuit de camera gezien komt dit neer op fotograferen zonder lens. Een niet alledaagse bezigheid. Dit vereist een aantal settings op de camera.

  • Release w/o Lens = enable. Opname moet gemaakt kunnen worden zonder lens.
  • Focus Mode = Manual Focus. Het scherpstellen moet op de telescoop gebeuren, niet op de lens. Het beeld van de telescoop wordt op de monitor van de camera geprojecteerd. Dat is je feedback. Dus autofocus (AF) kun je vergeten. 
  • Diafragma kun je ook vergeten want het diafragma zit in de cameralens.
  • Shooting mode (draaiknop): M (Manual). Je kunt dan zowel de sluitertijd als de diafragma waarde in stellen. Het diafragma vervalt. Blijft over de sluitertijd. Die moet niet te lang zijn want de zon beweegt. Het liefst zo kort mogelijk. 
  • De ISO waarde wil je het liefst tussen 100-400 ISO hebben om scherpe details in de opname te krijgen. Als je de sluitertijd kiest (bv. 1/100 sec) dan kan de camera alleen de lichtgevoeligheid nog aanpassen. In dat geval zet je ISO op ISO AUTO (de camera kiest zelf een ISO waarde). Controleer of de door de camera gekozen ISO waarde acceptabel is.
  • Self-timer: om trillingen te voorkomen wanneer je op de shutter button drukt is het handig om een self-timer (10 sec) in te stellen. 

 

Scherpstelling

De scherpstelling is een probleem om twee redenen. Ten eerste is de zon sowieso geen makkelijk object om op scherp te stellen. De zon is een vuurbal met alleen schijnbaar scherpe randen. In mijn ervaring is het verschil tussen scherp/onscherp onduidelijk. Je hebt ervaring nodig om te weten hoe je moet scherpstellen. Bij de maan heb je een scherpe rand en vele donkere vlekken die het scherpstellen makkelijk maken. Bij de zon zou je kunnen scherpstellen op zonnevlekken of uitstulpingen aan de randen (protuberances). Helaas zijn er niet altijd zonnevlekken. Protuberances zijn er vaker, maar je moet geluk hebben om er een paar te zien, want ze komen en gaan. Niet te voorspellen.

Een extra moeilijkheid is dat het beeld van de zon op de camera monitor of viewfinder vrij klein is. Op de foto is de zon 1206 pixels breed en dat is plm. 1/5 van de breedte van de sensor (6000 pixels). Het monitorscherm van de camera is 5,5 cm breed, dus de zon is daar 1,1 cm breed (zie foto). Dat is klein. Dat komt omdat je de oculair vergroting van de telescoop mist.

Tijdens het werken met de telescoop was ons niet duidelijk of je met de camera in de Manual focus mode en zonder eigen objectief kunt inzoomen om beter te kunnen scherpstellen. Maar, Sony heeft een Focus Magnifier optie: een vergroot beeld als je handmatig focust. Om dat te kunnen gebruiken mag de Focus Mode niet op Autofocus (AF) staan, maar moet op Manual Focus staan. Deze mogelijkheid is nog niet uitgeprobeerd. Mijn inschatting is dat Focus Magnifier geactiveerd wordt door het handmatig focussen op de lens. Je wilt dat dit op de een of andere manier op de camera in te stellen is. Al dit soort zaken moet op de camera ingesteld worden want er is geen communicatie tussen telescoop en camera. Dit moet in een volgende sessie uitgeprobeerd worden. 

Je komt er tevens achter hoe weinig je eigenlijk van je eigen camera af weet. Een grondige kennis van camera instellingen is noodzakelijk. Ideaal zou zijn als je met een simpele beweging van je vingers op het touchscreen van je camera het beeld zou kunnen uitvergroten (zoals op je smartphone of iPad). Dan ben je immers niet afhankelijk van een objectief.

Conclusie: je moet dus in staat zijn om op welke manier dan ook goed te focussen om opnames van de zon te kunnen verkrijgen waarin details te zien zijn. Het ontbreken daarvan verhindert natuurlijk niet dat je sowieso opnames kunt maken (zie foto). Als 'noodoplossing' kun je, als je voldoende tijd en een onbewolkte hemel ter beschikking hebt, een serie foto's maken en steeds ietsje draaien aan de fijn-focus knop op de telescoop. Dit zou in combinatie met Interval Shooting kunnen. Op de PC kies je de beste er uit. 

Tenslotte: de zon loopt steeds uit beeld, dus je moet iedere paar minuten haar weer in het midden zetten! Maar dat gaat heel makkelijk.

totaal beeld: 6000x4000 pixels, zon: 1206 pixels breed
dit illustreert de relatieve grootte van de zon in de opname
 
 

Thuis de zon bekijken met de Lunt telescoop

Ja, dat kan iedereen. Je kunt Twan Bekkers inhuren om bij je thuis door de Lunt telescoop te kijken. Zijn website: www.zonwaarnemen.nl. Fotograferen zit niet in het standaard pakket maar kan na overleg. Door de telescoop kijken onder zijn  begeleiding kan altijd zolang er geen bewolking is. Hij kan je alles over de Lunt telescoop, de zon en het universum vertellen. Hij komt bij jou thuis!


Gedeeltelijke zonsverduistering op 10 juni is te zien in Nederland met een eclipsbril! (info)


Astrofotografie blogs

25 May 2021

Onwaarschijnlijk goede prestaties van ObsIdentify (NIA) met blauwborst en ree.

Foto 1. Wat is dit? uitsnede 408 x 426 pixels [GK_08699]

ObsIdentify (NIA) is beeldherkennings software dat ingebouwd zit in waarneming.nl. Waarneming.nl is een website waar iedere natuurliefhebber (na registratie) waargenomen planten en dieren kan invoeren. Voegt hij/zij een foto toe dan doet ObsIdentify een poging om de soort te herkennen. 

Ik had een serie foto's van een vogeltje ter grootte van een roodborst dat ik niet direct herkende. Het was een tegenlicht opname. En het was nogal een afstand. Het origineel is 6000 x 4000 pixels. Foto 1 toont het vogeltje als je alle omgeving wegsnijdt tot 408 x 426 pixels. Ik liet ObsIdentify dit identificeren aan de hand van bijgesneden 3000x2000 foto's. Ik was blij verrast. O kwam met een blauwborst met zekerheden 74% tot 85%! Toen ik ging inzoomen zag ik een blauwe keel. Dat is een blauwborst. Het klopte dus. Knap van ObsIdentify! Een blauwborst herkennen op een tegenlicht opname. Dat is de meerwaarde van automatische beeldherkenning: op slechte opnames toch een goed resultaat boeken. Handig als je nog nooit een blauwborst hebt gezien.

Foto 2.  origineel van foto 1 [GK_08699]

De originele opnames van 6000x4000 gaven: Tapuit (34% - 83%) en Zwarte Roodstaart (40% - 99,4%). Beide fout. Hoe kan dat? In de originele foto beslaat het vogeltje minder dan 1% van de totale oppervlakte [1]. Als waarneming.nl de foto verkleint tot bijvoorbeeld 1000x667 vóórdat ObsIdentify hem te zien krijgt, blijft er nog maar 68 pixels breedte over (foto 2 hierboven). En dat is erg weinig. Cruciale informatie gaat verloren. Dus het loont om overbodige omgeving weg te snijden. De software van waarneming.nl gaat nooit 'de omgeving' wegsnijden, dat is te riskant. Niet voor niets staat er standaard: "Probeer de foto bij te snijden." Een foto van meer dan 1000 pixels breed wordt in zijn geheel verkleind [2].

Maar ook met bijgesneden foto's kan het mis gaan. In één foto ziet O een merel (72%). Verklaring: de vogel zat met de rug naar ons toe en dan zie je het blauwe keeltje niet! Logisch.

Op een ochtend had ik meer geluk. Op zo'n 10 meter afstand zat een blauwborst op een paaltje te zingen. Onmiskenbaar. Dicht genoeg bij voor prachtige foto's.

Blauwborst 1200x1000 pixels [GK_9591_A3.jpg]
Sony A6400 met Sony 70-350.

 

Ik had 1 a 2 minuten de tijd om hem te fotograferen. De zacht rode achtergrond is de ochtendzon. Een perfecte foto (behalve dat takje misschien). Dat doe je niet gauw voor een tweede keer. Helaas gaf ObsIdentify er maar 61,8% voor. Teleurstellend. Wel een correcte identificatie, maar voor een perfecte foto wel een erg laag percentage zekerheid! Verklaring? Het systeem krijgt waarschijnlijk niet vaak van dit soort foto's aangeboden en is er dus niet op getraind. Een paradoxaal geval.

Nog een onwaarschijnlijk goede, bijna bovenmenselijke prestatie van ObsIdentify:

ziet U een ree?

Beeldherkenning voorspelt Ree (Capreolus capreolus) met zekerheid 98.8%. Een ree? Sorry, waar staat een ree?

Daar staat een ree!

bijgesneden tot 700x600 pixels. Ree 91.8%
niet uitvergroot!

Ik had hem niet gezien met het blote oog. Ik verwachte hier geen ree. Ik zag hem pas toen ik met een verrekijker de omgeving af scande. Een leuke waarneming en een prachtig resultaat voor ObsIdentify. Temeer omdat de kop van de ree uit niet meer dan 140x160 pixels bestaat en de rest van het dier niet te zien is. Dit resultaat had ik niet verwacht.

Alle foto's zijn genomen op het natuureiland en vogelparadijs Tiengemeten. Complimenten voor de eigenaar Natuurmonumenten! Meer in de komende blogs.


Noten

  1. 6000x4000=24 miljoen pixels.  408x426=173.808 pixels. Dat is 0,7% van de totale oppervlakte.
  2. Als ik van te voren zelf de foto verklein tot 1000x667 dan krijg ik: "NIA beeldherkenning voorspelt Zwarte Roodstaart - Phoenicurus ochruros met zekerheid 91.9%". Een fout resultaat dat bijna 3% hogere zekerheid heeft vergeleken met 89,0% als het systeem zelf de verkleining doet. Dit bewijst dat het systeem éérst verkleint voordat het aan ObsIdentify wordt aangeboden. 'NIA' staat voor ObsIdentify (ik weet niet waarom ze de naam veranderd hebben).

 

Vorig blog


09 May 2021

Het verband tussen het ASTRAZENECA vaccin, adenovirussen, gentherapie en de Sputnik paradox

Ik heb mijn eerste shot met het Pfizer vaccin gekregen. Pfizer is een RNA vaccin dat beschermd tegen SARS-CoV-2. Dat RNA bevat de instructie voor het Spike eiwit van het SARS-CoV-2 virus. Dat Spike eiwit is het belangrijkste aangrijpingspunt voor het virus om de menselijke cel binnen te komen en een belangrijke trigger voor het immuunsysteem om in actie te komen. Deze methode van vaccineren is nieuw, werkt goed en is overzichtelijk. Er komt geen DNA aan te pas. In theorie is het nog eenvoudiger om gewoon het Spike eiwit zelf in te spuiten, maar zo'n vaccin is (nog) niet op de markt [1]. Het AstraZeneca DNA-vector-vaccin is omslachtiger en gecompliceerder. Het is gebaseerd op: 1) DNA en 2) dat DNA wordt in een onschadelijk gemaakt adenovirus gestopt en 3) het moet onze celkern binnendringen. Zie vorige blogs. Het werkt ongeveer even goed, maar het feit dat het DNA in onze celkern terecht moet komen vind ik geen prettig idee, ook al is het uitsluitend Spike DNA volgens de bijsluiter [2].

 

Adenovirussen in het wild

Adenovirus (wiki)
Adenovirussen komen in Nederland in het wild voor. Info van het rivm: Ongeveer de helft van de adenovirusinfecties verloopt zonder symptomen. Bij baby’s en kinderen verloopt infectie vaak mild en zijn de meest voorkomende klachten luchtweginfecties, keelontsteking, oogontsteking, koorts en diarree. Bij volwassenen kunnen adenovirusinfecties onder andere ontsteking van het hoornvlies van het oog en longontsteking veroorzaken. Meestal verdwijnen de klachten na een aantal dagen zonder specifieke behandeling [5]. Kennelijk niet dodelijk.



Waarom een adenovirus gebruiken?

 

Dat is geen toeval. Adenovirussen worden al 20 jaar gebruikt voor gen therapie bij erfelijke ziektes, als kanker therapie en tegenwoordig dus ook als vaccin vector. De eerste druk van Adenoviral vectors for gene therapy verscheen al in 2002, dus een kleine 20 jaar geleden. Er is in die tijd enorm veel onderzoek gedaan naar adenovirussen. 

De overeenkomst van adenovirussen, gen therapie en DNA-vaccins is dat ze DNA in de celkern brengen. Bij gen therapie worden adenovirussen gebruikt om een erfelijke ziekte te herstellen [6]. De adenovirus vector brengt een normale versie van het beschadigde gen in de celkern. Het intacte gen neemt de functie van het kapotte gen over. Een zeer recent voorbeeld is Zolgensma dat gebruikt wordt voor bepaalde vormen van spierziekte [4]. Het is dus niet zo gek dat deze adenovirussen als vector worden gebruikt om Spike DNA in de menselijke celkern te krijgen. Adenovirussen zijn er in gespecialiseerd! Het is de bedoeling om het DNA in onze celkern te krijgen. Het is dus geen bijwerking.

Het zou wel een bijwerking zijn als dat DNA vervolgens onbedoeld in ons eigen DNA ingebouwd zou worden. Maar de adenovirussen die gebruikt worden hebben niet het vermogen om in ons DNA ingebouwd te worden [3]. Zelfs als dat toch zou gebeuren, gaat het alleen om een Spike eiwit en komt het alleen in lichaamscellen en niet in geslachtscellen terecht. Het erft dan niet over.

Verder worden de adenovirus vectors zo verzwakt dat ze zich niet kunnen vermenigvuldigen in de mens (dat heet: replication incompetent). Maar...

 

Sputnik paradox

Het Sputnik V is een adenovirus vector vaccin tegen SARS-CoV-2 net als AstraZeneca. Het E1 gene van het adenovirus is verwijderd om vermenigvuldiging van het virus in het menselijk lichaam te voorkomen. Een vaccin moet op industriële schaal geproduceerd worden. Miljoenen vaccins moeten geproduceerd worden. Maar: hoe vermenigvuldig je een virus dat zichzelf niet kan vermenigvuldigen? Dat is de Sputnik paradox. De oplossing van de fabrikant is het virus te kweken in cellen die het missende E1 gen wel hebben. Daardoor kan het adenovirus alsnog vermenigvuldigd worden. Zonder dat het E1 gen in de vector zit. Je krijgt dan een vector dat zichzelf niet in de te vaccineren persoon kan vermenigvuldigen. Slim bedacht.

Toch is er in Brazilië controverse ontstaan over het Sputnik vaccin. In zeldzame gevallen kan het E1 gen van de cel opgenomen worden door het adenovirus zodat het weer een zichzelf vermenigvuldigd adenovirus wordt. De fabrikant streeft naar een maximum acceptabele 'verontreiniging' van 5.000 vermenigvuldigende virus deeltjes per vaccine dosis. Bij kwaliteitstesten werden er minder dan 100 vermenigvuldigende virus deeltjes per dosis gevonden. De Braziliaanse instanties hebben zich daarom uitgesproken tegen het aanschaffen van het Russische Sputnik vaccin. In principe zouden soortgelijke problemen ook bij het AstraZeneca vaccin spelen. Details van het productieproces zullen niet gemakkelijk te achterhalen zijn. Er valt nog het een en ander uit te zoeken!

 

Was dit blog nuttig? Geef het door aan anderen.

Fouten, onduidelijkheden, vragen: voeg hier beneden toe.

 

Noten


  1. Corona-eiwitten maken in insectencellen, juni 2020. (Wageningen Universiteit)
  2. College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG): Vraag en antwoord coronavaccin AstraZeneca. NB: het woord 'DNA' komt niet voor op de hele pagina!
  3. "wild-type adenoviruses do not carry the enzymatic machinery necessary for integration into the host cell's DNA. That's exactly what makes them good vaccine platforms for infectious diseases." bron: Here's Why Viral Vector Vaccines Don't Alter DNA.
  4. ZOLGENSMA, het duurste medicijn ter wereld, bevat DNA van het SMN1 gen verpakt in een adenovirus vector AAV9. (wikipedia)
  5. Adenovirusinfecties, rivm. 
  6. "Adeno-associated virus (AAV) vector–based gene delivery has been approved by the FDA and European Medicines Agency (EMA) for in vivo correction of inherited retinal dystrophy and spinal muscular atrophy. (...) However, there are potential risks with AAV gene transfer, including immunogenicity, hepatotoxicity, genotoxicity, insertional mutagenesis, variability, and limited durability." Science